26 mei 2007
Het Groene achterhoedegevecht
Lees de uitspraken van Théo Lefèvre er anders maar eens op na. In een schitterend interview van Frans Verleyen en Hugo De Ridder (toen ze bij Knack nog échte journalisten hadden) zegt Lefèvre het volgende:
“- Dan krijgen we de vraag: Le progres pour quoi faire ? Het is wellicht de grote vraag van het socialisme … (Groen! bestond toen nog niet.)
Lange stilte en daarop het raadselachtige antwoord van een bewindsman die beleefd wil blijven: “Mon ami, ceux qui meurent et ceux qui defilent sous l’arc de triomphe ne sont pas les memes”. Het klinkt prachtig.
“Als minister van Wetenschapsbeleid heb ik te weinig middelen, maar dit is niet de voornaamste reden tot klagen. Wat me hier vooral tegensteekt is de wijze waarop men mij kredieten wil doen toekennen. Ik moet niet vechten tegen argumenten maar tegen gevoelens. Men komt mij zeggen: dat moogt ge niet steunen want het is van links, of het is van rechts. Ge geeft niet genoeg aan dit want het is Vlaams of aan het andere want het is Waals. Dergelijke mentaliteit verpest mijn leven.”
- U bemint de technologie?
“Ik bemin de technologie niet.”
- U predikt ze toch.
“Ik predik ze, omdat ik rotsvast geloof dat ze geheel de mens moet bevrijden van zijn vrees voor de wetenschap en de techniek. Hij heeft niet alleen een supplement d’ame nodig (Bergson) maar ook een supplement de science. Wij hebben de stoffelijke welvaart van de wetenschap en de moderne industrie cadeau gekregen. De kinderen lopen niet meer op klompen, zoals mijn schoolmakkerties vroeger, en de vaders zuipen zich niet meer redeloos dronken. Indien de jeugd nu de tijd en de mogenlijkheid vindt om zich te bezinnen over de kwalijke gevolgen van wetenschap en techniek, is dat dankzij de voorspoed die eruit voortgekomen is.”
- Maar die afval, die vervuiling. Het water en de lucht die bedorven zijn?
“Overgangsfase. De technologie zal dat zelf oplossen. Zoals de stoommachine aanvankelijk werkloosheid en misere heeft meegebracht en nadien meer werkgelegenheid heeft verschaft, zo meen ik dat de technologie eerst nog wat crisissen en aanpassingsmoilijkheden zal moeten overwinnen. Die welvaartsonlust is een reactionair voorbijgestreefd probleem.
Pascal zei, ik moet hem toch eenmaal citeren:
“l’habitude est une seconde nature. Wij zijn bezig de natuur te veranderen en wij zullen geen terugkeer meer kennen naar de oude … wij zullen een nieuwe secundaire natuur scheppen.”
- En u zal de prijs betalen?
“Sakkernondedieu, vroeger gingen de mensen van Gent, hoofdzakelijk arbeiders, nooit naar de natuur. Die bleven in de steegjes en hadden één wc voor 24 huizen. En dat snoven ze de hele dag door … “
Uit: “Frans Verleyen – De heldere taal van een grafstem” verschenen bij Roelarta.

