Ongelooflijk wat die groenen allemaal uithalen. Eerst schaffen ze de kernenergie af, waarover alle experten het eens zijn dat er geen degelijk alternatief is. Windenergie zeggen de groenen dan. Nu geven ze geen vergunning voor windenergie omdat het gezichtsvervuiling is. Waar moeten we dan onze electriciteit dan gaan halen, de hemelse dauw? Is allemaal heel mooi en plezant zulke beslissingen nemen, mensen van De Haan zullen blij zijn.
Net zoals hun laatste plan om de speculatie op huizen volledig af te romen. Gaan ze het verlies ook bijpassen? Of elke winst die door het bedrijfsleven gemaakt word, om te schenken aan de werklozen die thuis in hun zetel liggen?

Doemdenken over het milieu is in!
Scholen worden vaak meegezogen in dit eco-imperialisme, opgedrongen door een select groepje neo-communisten (‘klimoppers’ dixit pater Versteylen) die egalitarisme, anarchisme, finalisme, fatalisme en ecologie tot één grote müsli proberen te vermengen. Met slogans als ‘ het redden van de planeet voor onze kinderen’ wordt mensen (kinderen, adolesenten) angst aangepraat, wat rationeel denken sterk bemoeilijkt. Immers, als onze situatie zo nijpend lijkt, moeten we onmiddellijk met oplossingen komen. Rationele kosten-batenanalyses maken is moeilijk omdat milieu een bevoordeelde positie lijkt te hebben in de besluitvorming over risico management. Het milieu als absoluut doel, heilig doel bijna.
Eco-imperialisme
Hans Labohm schrijft over de schrijnende gevolgen van het doemdenken in zijn artikel: Eco-imperialisme bedreigt Derde Wereld (Malaria and the DDT story). Greenpeace strijdt bijvoorbeeld voor de uitbanning van DDT, het meest efficiënte middel tegen malaria en andere ziekten. Zo zijn ze verantwoordelijk voor de dood van miljoenen mensen. Of hoe het ‘idealisme’ van onze ngo’ers roofbouw pleegt op al kwetsbare bevolkingen.
De Indialse econoom Deepak Lal vergelijkt het optreden van milieu-activisten zoals non-gouvernmentele organisaties als Greenpeace in ontwikkelingslanden met de bekeringsijver van Westerse misionarissen en zendelingen ten tijde van het kolonialisme. Ontwikkelingslanden worden onder druk van het heilige doel, het redden van het milieu, maatregelen aangepraat of opgedrongen die sterk ten nadelen van henzelf gaan.
Men gaat steeds verder met het idee dat het milieu intrinsiek goed is: de weerstand van de milieubeweging tegen genetisch gemanipuleerd voedsel bijvoorbeeld. Voedsel dat in de Verenigde Staten uitgebreid getest en onderzocht is en al jarenlang door Amerikanen gegeten wordt, mag onder geen enkele voorwaarde aan Derde Wereldlanden worden gegeven. Dit wordt verdedigd met een beroep op gezondheids- en milieurisico’s, ondanks dat in de VS van beide zaken geen sprake is (gebleken na jarenlange testen en consumptie) en ondanks het feit dat dit voedsel van grote waarde zou kunnen zijn in Afrika. Er is nu sprake van een principiële weerzin tegen genetisch gemanipuleerd voedsel en argumenten krijgen moelijk vat op principes.
Bovenvermelde voorbeelden geven aan dat waarden waar in onze Westerse wereld veel belang aan wordt gehecht (duurzame ontwikkeling, milieu, …), worden opgedrongen aan ontwikkelingslanden die zelf wel andere acutere problemen aan hun hoofd.
Groene stroom
De burger roept veel onheil over zichzelf door normale electriciteit, ook wel grijze of vieze stroom genoemd, te consumeren. De ijsberen sterven, er komen orkanen naar Europa, Vlaanderen verdwijnt onder de zeespiegel. Daartegenover staat de groene stroom, ook wel schone streeom of eco-stroom genoemd. Wie een handtekening onder het contract van het eco-energiebedrijf zet, wordt gepromoveerd van machteloze sukkel/seut tot de Superman, redder van onze planeet. Toch moeten we beseffen dat de duurzame energiewereld een verzameling jongens is die snel, héél snel zéér veel geld willen verdienen. Zij beschikken over het getalenteerde vermogen de discussie rond het broeikasdebat te misbruiken.
Meten met 2 maten en 2 gewichten
Sommige gassen in de aardse atmosfeer hebben het vermogen om de door de aarde uitgestraalde warmte tegen te houden. Als een broeikas kunnen ze zo de aarde verwarmen.
Vele gassen bezitten dat vermogen, onder meer waterdamp, methaan en kooldioxide (CO2). Het broeikasdebat concentreert zich op dat laatste gas. Niet omdat dit een sterker broeikaseffect zou hebben dan de andere gassen (dat is niet zo) en ook niet omdat er meer kooldioxide in de atmosfeer zit dan andere gassen (evenmin het geval), maar omdat het CO2-percentage in de atmosfeer de afgelopen eeuw is gestegen.
Eigenlijk valt kooldioxide nauwelijks milieuvervuiling in de traditionele zin van het woord te noemen. Het is zelfs zo dat de natuur gek is op CO2. Landbouwgewassen en bossen gedijen erbij. Zo groeien bomen langs een snelweg dankzij de CO2-uitstoot van auto’s beter dan in een bos. In zekere zin wordt de aarde dan ook groenen van grijze stroom dan van groene stroom.
Toch wordt deze uitstoot als het belangrijkste hedendaagse milieuprobleem gezien. Een groep goed betaalde wetenschapsmensen onder de auspiciën van de Verenigde Naties, het IPCC (International Panel for Climate Change), publiceert er voortdurend rapporten over en sinds premier Margaret Thatcher van het Verenigd Koninkrijk, van origine een chemicus (sommige politicologen vermoeden dat ze via het broeikaseffect meer aanzien onder collega-regeringsleiders hoopte te verwerven), het ooit op een top aankaartte, is het broeikaseffect tevens een politiek issue van de eerste orde geworden.
Via het zogehete Kyoto-protocol hebben veel landen afgesproken de uitstoot van CO2 terug te dringen. Het is de vraag in hoeverre dit akkoord nog levensvatbaar is (U.S.A., Australië,… tekenden niet), maar op de wereldtop voor Duurzame Ontwikkeling in Johannesburg heeft vooral Europa de intentie uitgesproken verder te willen.
Op het vermoeden dat het broeikaseffect het klimaat zou veranderen, valt veel af te dingen. Het eerder genoemde IPCC geeft zelf toe dat de kennis van het klimaat gering is. Daarnaast is kooldioxide lang niet het belangrijkste broeikasgas en is de hoeveelheid CO2 die de mensen in de atmosfeer brengen maar klein (2 tot 5 procent) in vergelijking met wat de natuur (vulkaanuitbarstingen, microbiologische afbraakprocessen,…) zelf produceert. Over de onafhankelijkheid van de wetenschappers die de breoikastheorie aanhangen, valt te twisten. Velen werken in de commissie van de IPCC en bekleden tegelijk de Greenpeace-leerstoel aan academische instellingen. Dat tekent de verwevenheid van in elk geval een deel van het klimaatonderzoek met de milieubeweging, die in de theorie een vehikel ziet om de industriële samenleving in het hart te treffen.
Wat schreef ik alweer (een tijdje geleden):

Met wat zijn we bezig? De natuur steekt zelf wel een middelvinger op naar de mensheid en doet het véél beter.
In Japan is er een vulkaan en die stoot sinds jaren langdurig en gigantisch veel SO2 uit. In december 2000 werd een maximale SO2-uitstoot bereikt; die bedroeg (gemiddeld over de maand) 54 miljoen kg per dag. Dat staat gelijk aan tweemaal de SO2-uitstoot van alle andere werkende vulkanen op aarde samen; per vijf dagen werd ook meer uitgestoten dan door Nederland in een heel jaar (260 miljoen kg, waarvan ca. 75 miljoen kg door raffinaderijen, 73 miljoen kg door elektriciteitscentrales en 65 miljoen kg door de overige industrieën samen). Daarna volgde een afname tot 7 miljoen kg per dag eind 2002; daarin is sindsdien nauwelijks verandering opgetreden. Bij elkaar was de uitstoot van de vulkaan inmiddels zo’n 18 miljard kg SO2.
Stem Groen!, zij zullen alle vulkanen sluiten.
Kent U ook het verhaal van die pleister en dat houten been ?
Update (17.00)
“Emissies bij de productie van energie (zwaveldioxide)
Om de emissie van zwaveldioxide (SO2) te verlagen, heeft de Gemeenschap verscheidene maatregelen getroffen, waarvan de richtlijn inzake grote stookinstallaties (88/609), laatstelijk gewijzigd bij richtlijn 94/96, de belangrijkste is. Met als referentiepunt het jaar 1980 moeten de jaarlijkse SO2-emissies uit deze installaties voor het jaar 2000 met 73% worden verlaagd. In de EG-richtlijn over grenswaarden voor SO2-emissies is vastgelegd dat het emissieniveau tot het jaar 2005 met 57% ten opzichte van 1980 moet worden verlaagd (van 14,4 tot 6,2 miljoen ton).”
Blah, blah, blah…
Wat ik graag zou willen zien is dat al die commissies en parlementen en milieuactivisten eens stoppen met hun geneuzel over emissies en ozongaten en regeltjes en kopen van schone lucht in Rusland en andere onzin en eindelijk eens werk maken naar het actief aanwenden van alternatieven voor de energievoorziening. Want waar heeft dat jarenlange gepalaver tot hiertoe geleid? Tot NIETS!
Ik werkte op de luchthaven van Berlijn toen daar eens een milieutop werd gehouden: je moest eens zien hoeveel volk daarop af kwam om een paar dagen te zitten neuzelen over normen en richtlijnen om uiteindelijk geen consensus te bereiken. De top was mislukt.
En allemaal kwamen ze met het vliegtuig, de hele meute (met de pers er dan nog eens bij, zeker 1000 man. En allemaal met de taxi naar hun hotel). Van milieubewustzijn gesproken, amehoela.
Het is een wanstaltig circus dat een rad voor onze ogen onze draait en er alle baat bij heeft om zichzelf in stand te houden.
Een paar maanden later streek dat hele boeltje -duur betaalde, wetenschappers en politici neer in Brazilië om er een top te houden. Die is ook mislukt. Het gaat zo maar door. Ondertussen besluit de OPEC om haar productie te verhogen en geen kat die daarover piept. Iedereen vindt dat normaal. Doen we nog eens een milieutopje erbij en iedereen gaat dan alweer braaf aan het werk.
Als ik dan het hele lulverhaal, de compleet onrealistische voorstellen moet lezen van mevrouw Dua op Gentblogt dan ontplof ik helemaal.