“It’s better down there”.
Toen ik de film voor het eerst zag was ik meteen verkocht. Ik had toen echter geen nagel om aan mijn gat te krabben en het is jarenlang een droom gebleven. Met het massatoerisme is alles wat betaalbaarder geworden (dat is dan een voordeel aan massa’s) en toen ik de prijzen bij Neckermann zag heb ik niet lang geaarzeld. Geef toe: 230 euro voor een vierdaagse PADI Open Water Diver cursus, verhuur van alle uitrusting inbegrepen en een extra dag duiken vanop de boot, ik vraag me af hoe ze het doen… De eerste vier dagen zit je afwisselend in de klas en in het water aan de rand van het strand. Dieper dan een meter of twee ga je niet en de meeste tijd gaat dan ook naar het simuleren van noodsituaties en oefenen wat je dan moet doen. Wat kan er zoal misgaan ?
Geen lucht meer, masker valt af, duikvest (ook wel: trimvest) komt los. Je duikfles gaat ervandoor (oeps, slecht vastgemaakt!), zinken, opstijgen, drijven.
Je loodgordel floept weg zodat je als een raket naar de oppervlakte schiet. Niet goed voor mogenlijke decompressieziekte en voor de trommelvliezen. Onder water oefen je dan hoe je die dingen kan uit en terug aandoen. (Oempffft, uitputtend!)
Het lastigste is dat duikpak aan- en uittrekken. Het is volledig gemaakt uit neopreen en moet als een handschoen aan je lijf plakken. (Sexy !) Zo een pak aantrekken is als een te klein condoom over een te gr… (Laat maar.) Daarna moet de loodgordel aan (13 kilo) dan een duikvest met daaraan een luchtfles van ongeveer twintig kilo goed vast op je rug. Vervolgens wandel je als een dronken eend (zwaar allemaal) het water in. Eenmaal in het water voel je helemaal niets meer van het gewicht.
Beter zelfs: je bent gewichtloos. Héérlijk!
Na vier dagen was het dan zover, mijn eerste duik in open zee, op 18 meter diepte. In de haven liggen ontelbare boten kriskras door elkaar. Het is er een hels gewriemel, bemanningen, klanten, flessen, duikmateriaal, catering, water, cola, bier worden tegelijk op alle boten aangevoerd. Alles met het nodige geroep en getier.

De President III Alexandria boot was er voor de happy few. Bemanning in nette pakjes. Pasje tonen voor het aanmonsteren en begroeting met champagne. Hoe je dan nog kan duiken is me een raadsel. Allemaal dronken Russische klanten. De nieuwe rijken laten het graag zien. Geen toegang voor het Europese plebs zoals wij.

Consternatie. Een boot vaart weg zonder duikers aan boord. “Allah akabah sharmallah !!!” Iets in die trant. Waarschijnlijk zware Arabische verwensingen van de kapitein die nog aan wal staat naar zijn bootsman die beteuterd allerlei armbewegingen aan het maken is. Alsof hij het schip aan een onzichtbare draad terug naar de pont wil trekken. Lachen.

Toet! Langs alle kanten. Vooruit, achteruit. Tegen elkaar. De complete chaos, quoi… Na 30 meter landuitwaarts kwam die terug naar de pont gevaren. Toet! Toet! Opzij! Vooruit, achteruit…

Achteruit. Voorzichtig. Knal! Uiteindelijk kon iedereen instappen. Volle kracht vooruit. Het scheelde geen haartje of hij ramde een andere boot voor hem… Ik lag kreupel van het lachen.

Eenmaal op zee werd alles klaargemaakt voor de eerste, échte duik.

Huppa, poep naar achter, loodgordel aan !

Aargh! Dat masker spant nogal. En wat is die fles zwaar. Oewa, mijn rug! Eenmaal onder water heb je van niets geen last meer… it’s magic.

Je duikt altijd met een ‘buddy’. Als iedereen alles aan heeft check je wederzijds of alles in orde is.

Klaar voor de duik. Die zwarte ‘fietsbel’ aan mijn linkerpols is een duikcomputer. Daarmee lees je onder water af hoe diep je bent. Achteraf verteld het je ook hoe lang je hebt gedoken en hoeveel tijd je moet boven water blijven tot je volgende duik, en nog veel meer. Allemaal decompressie-theorie, waarmee ik je nu niet ga vervelen.

Onze instructrice komt kijken waar ik blijf. (Zenuwen…)

Een sprong vanop de boot gaat zo:
Je gaat dus niet zoals in de Jacques Cousteau filmjes achterwaarts plat op je rug het zwerk in. Dat doen ze alleen vanuit een Zodiac. In ieder geval:
Diep inademen (“Hhhùùù”)
Masker en mondstuk vasthouden met één hand anders klapt het hele handeltje eraf zodra je in het water plenst, met andere arm evenwicht bewaren. Ik zweer het, niet simpel op een boot die op en neer zwiept en aan het rollen is. Eén been vooruit. Commandosprong, toch nog iets wat ik op school heb geleerd dat van pas komt. En dan: Tsjakkaboemploefff !!! In het water. Zuurstof uitademen.
Trimvest opblazen. Blijven drijven tot iedereen in het sop ligt. Dan trimvest ontluchten en zakken. Blubblubblub… Welkom in een andere wereld! Leuk.

Na een kwartier kwam ik oog in oog te staan met een Napoleonvis. Zo groot als een dolfijn. Een monster dacht ik eerst, maar het beest is superlief.

Totaal uitgeput na drie kwartier uit het water. Heel even op 22.4 meter diepte gebleven, die Napoleon achterna. Uitbrander van instructrice: “I told you to stay on 18 meters. Never do that again ! You fool !” De hele boot die naar die Belgische idioot zit te koekeloeren. Héérlijk zo een mooie Deense die zich kwaad maakt! Alléén voor ‘moi’, ahem…

Grrr, dat pak gaat niet uit ! Het was schitterend. Volgende vakantie doe ik het opnieuw.
(Update: Het hotel is al geboekt, deze keer ga ik eind februari voor twee weken, ha!)